blasenkarzinome produktbanner 2020

De 2e natuurwet van de Germanische Heilkunde®, de wet van de tweefasigheid van alle zogenaamde ziektes, zegt dat alle zogenaamde ziektes of Zinvolle Biologische Specialprogramma’s van de Natuur in twee fasen verlopen, met een

  • conflictactieve, koude, sympathicotone fase (ca-fase) vanaf het DHS, en een
  • conflictopgeloste of vagotone genezingsfase, kortweg de pcl-fase genoemd, als het conflict is opgelost.

Op elk plaats van kanker vinden we niet alleen het histologische patroon van weefsel dat embryologisch daar thuishoort, maar kiembladverwante conflicten hebben ook kiembladverwante hersenrelais, in het geval van een conflict  zogenaamde Hamer-Haarden (HHen), kiembladverwante organen die betroffen worden, en ook kiembladverwante microben. Bovendien is de biologische betekenis van elke zogenaamde ziekte ook afhankelijk van het kiemblad. In het geval van ziekten, d.w.z. delen van de Zinvolle Biologische Speciale Programma’s die behoren tot de binnenste kiemblad  (endoderm), zullen we zien dat ze allemaal worden aangestuurd door de hersenstam en dat ze daar ook een geordende lokalisatie hebben. Ze beginnen in de hersenstam rechts dorsaal met de ziekten van de mond om vervolgens tegen de klok in verder te gaan met de spijsverteringsorganen en  te eindigen met het sigma en de blaas, links dorsaal.

Histologisch zijn alle carcinomen die door de hersenstam worden aangestuurd, zonder uitzondering adenocarcinomen. Ze groeien daarom allemaal in de conflictactieve fase met celtoename en worden in de genezingsfase weer afgebroken door schimmels of schimmelbacteriën (indien aanwezig). De mycobacteriën vermenigvuldigen zich echter al vanaf het DHS, in hetzelfde tempo als de adenocarcinomen zelf, maar slechts zoveel als nodig zijn om later de tumor af te breken. Dit betekent dat er een zeer duidelijke volgorde is tussen de rangschikking van de hersenrelais en de organen. En we zien ook dat de bijbehorende conflicten vergelijkbaar zijn, d.w.z. het gaat bij de hersenstam conflicten altijd om de “brok”. Een brok te pakken krijgen, bijvoorbeeld de brok door te slikken, het verder te transporteren, het te verteren en er uiteindelijk vanaf te komen.

Deze volgorde op alle drie de niveaus en met name ook op histologisch gebied zal in de toekomst een diagnostisch hulpmiddel zijn, omdat we bijvoorbeeld geen proefexcisies meer hoeven te nemen, hooguit in uitzonderlijke gevallen als de topografische toewijzing van de tumor ons niet duidelijk is.

Het DHS (Dirk Hamer Syndroom), de conflictschok, is het begin van conflictactiviteit en tegelijk het begin van elke zogenaamde ziekte, niet alleen kanker. In de 1e fase, die we permanente sympatheticotonie noemen, hebben we koude handen, koude periferie, slapeloosheid, gewichtsverlies zolang het conflict actief is. Bovendien wordt het verantwoordelijke relais in de hersenen gekenmerkt door een zogenaamde schietschijfconfiguratie (Hamerse Haard). De schietschijfconfiguratie betekent dat de Hamerse Haard zich in de conflictactieve fase bevindt. De biologische conflicten zijn allemaal archaïsche conflicten, ze zijn analoog van toepassing op mens en dier.

De inhoud van het conflict veronderstelt echter een zekere preoccupatie met de ontwikkelingsgeschiedenis. De termen worden daarom zo gekozen dat ze zowel voor ons mensen als voor dieren gelden, omdat deze conflicten quasi “interanimalisch” moeten zijn, althans voor ons zoogdieren. Dit leidt tot termen als ‘gemeen conflict’, ‘gemeen onverteerbaar conflict’, ‘lelijk half-genitaal conflict’ enz.

Tot nu toe was ten onrechte aangenomen dat chemische stoffen, met name   industriële amines leiden tot blaaskanker, dat is de reden waarom deze vorm van kanker vaak is aangeduid als aniline kanker. De Germanische Heilkunde® daarentegen, heeft totaal andere en aantoonbare inzichten gekregen.

Het conflict bij blaascarcinoom (adeno) carcinoom is een gemeen conflict: ‘smeerlapperij’.

blase nl
Blaas

Voorbeeld: Een zwangere vrouw wordt bruut geslagen door haar man.

In de seconde van het DHS wordt de inhoud van het conflict al gedefinieerd in het begrip van de patiënt. In de conflictactieve fase vormen zich ofwel bloemkoolachtige-adeno-carcinomen van secretoire kwaliteit, zogenaamde blaas- poliepen, of platgroeiende adeno-carcinomen van absorberende kwaliteit, vooral in de trigonum versicae, de driehoek gevormd tussen de samenvloeiing van de ureters en het vertrek van de uretra, die zich vermeerderen zolang het conflict nog actief is.

Secretorisch betekent dat de brok door afscheiding van verteringssappen wordt verkleind. Met name in het geval van bloemkoolachtig-groeiende tumoren = poliepen. Resorptief betekent dat het voedsel uit de darm in het bloed en lymfebaan wordt opgenomen bij de platgroeiende adeno-carcinomen.

In de conflictactieve fase groeit de tumor. In de blaas vinden we voornamelijk of bijna uitsluitend het resorberende type, dat een soort nierverzamelbuiscarcinoom functie heeft, d.w.z. urine moet worden teruggewonnen (= geresorbeerd).

Na de conflictoplossing begint de conflictoplossingsfase of genezingsfase of permanente vagotonie. Nu wordt de tumor verkazend necrotiserend met behulp van schimmels of schimmelbacteriën (mycobacteriën) afgebroken (tbc-cystes), die steeds met nachtelijk transpireren gepaard gaan.

De microben kunnen ook worden toegewezen aan een van deze drie kiembladen Ze werken alleen op bevel van onze hersenen, altijd na de oplossing van het conflict. Als er echter geen mycobacteriën aanwezig waren aan het begin van de ziekte (DHS), vindt alleen een inkapseling van de tumor plaats, d.w.z. de tumor blijft. De diagnostiek en de hele therapie zullen hierdoor volledig veranderen.

De biologische betekenis ligt hier in de ca-fase en betekent dat in de vlakgroeiende carcinomen, d.w.z. van het resorberende type, urine steeds meer en meer resorberen om water te besparen.

Door de kennis van de Germanische Heilkunde® over de spontane natuurlijke afbraak van deze oude hersenen carcinomen in de genezingsfase, zal chirurgische interventie in de toekomst overbodig zijn bij bijna al deze carcinomen, uiteraard altijd op voorwaarde dat er een conflictoplossing optreedt, en de patiënt al schimmels of schimmelbacteriën had, d.w.z. tuberculose (zuurvaste staafjes) aan het begin van de ziekte.

In de academische geneeskunde wordt de hele blaas en het omliggende weefsel nog steeds chirurgisch volledig verwijderd en wordt de urine via de darm middels een kunstmatige uitgang afgevoerd. Dit leidt vaak tot volgconflicten, omdat wanneer de patiënt wakker worden uit de anesthesie, hij aak onmiddellijk het volgende DHS lijdt. We noemden deze nieuwe kankers ‘metastasen’ uit volledige onwetendheid, maar die het echter helemaal niet zijn. Zogenaamde metastasen zijn nieuwe kankers, die vanuit nieuwe conflictschokken ontstaan, vooral vanwege diagnose- en prognoseschokken of gevolgen van een operatie of therapeutische martelingen en verder door sociale zorgen en vrees. Hierdoor neemt het noodlot zijn loop. Maar er zijn ook gevallen die dodelijk eindigen omdat patiënten geen grip op hun conflict krijgen. Dit kan zowel te wijten zijn aan de persoonlijkheid als de omgeving van de patiënten.

Voorbeeld: Een patiënte die samen met haar man alles had opgebouwd was door haar man verlaten voor een andere vrouw. Ze vond dat dat gewoon niet kon en wilde dit niet accepteren. Ze voelde het gedrag van haar man, die ook van haar wilde scheiden, als smeerlapperij en werd ziek met een blaas-(adeno)- carcinoom. Toen ze in de kliniek was, kwam de man, die waarschijnlijk een slecht geweten had, haar regelmatig opzoeken. Daarmee kreeg ze weer hoop. Maar de man had geen interesse meer. En dus cirkelden haar gedachten altijd maar om één ding: ‘Zo’n smeelap, waar heb ik dat aan verdiend, wat heb ik verkeerd gedaan?’

Terwijl de oude hersenen gestuurde organen celvermeerdering geven in de conflictactieve fase, zien we celafname bij de grote hersenen gestuurde organen: ulcera of necrose.

De ulcus (zweer) is altijd een substantiedefect, dat we vinden in alle plaveiselepitheelcarcinomen, dus ook in het blaasslijmvlies.

De inhoud van het conflict hier is een territorium-markerings conflict met een blaas-ulcuscarcinoom.

Bij deze plaveiselepeitheel en -slijmvliezen in de ca-fase ontstaan geen tumoren in de blaas, maar een weefselafbraak, dus een ulcus.

De Hamerse Haarden bevinden zich links of rechts temporo-occipital in de post-sensorische hersenschors. Hier bevindt zich een rechterkant (vrouwelijke) en een linkerkant (mannelijke) blaashelft. Want volgens de ontwikkelingsgeschiedenis was de blaas in de grijze prehistorische dubbelzijdig aangelegd.in de grijze prehistorische periode. Dus er was een rechter en een linker blaas, zoals er nog steeds twee nieren en twee urineleiders zijn. De twee blazen zijn vanuit de ontwikkelingsgeschiedenis gezien samen gegroeid.

De conflictinhoud voor de vrouwelijke blaasnhelft is een conflict van plaatsbepaling, quasi een territoriummarkerings-conflict van het binnenterritorium d.w.z. het conflict de terriumgrenzen niet kunnend herkennen (men weet niet waar men thuishoort, of bij wie men hoort).

Voor de mannelijke blaashelft is het een grensconflict, d.w.z. een territoriummarkerings-conflict van het buiten territorium (omdat het zoogdier met  urine het territorium markeert). Biologisch gezien kunnen de getroffen individuen het gebied niet meer markeren.

Voorbeeld: De man komt onverwacht eerder thuis van een zakenreis en verrast zijn vrouw met een gemeenschappelijke vriend in het echtelijke bed.

Hoewel handigheid nog geen rol heeft gespeeld in organen gestuurd door de stamhersenen, is dit cruciaal voor organen die worden gestuurd vanuit de hersenschors. Een onderscheid moet in principe worden gemaakt, vooral bij de conflicten van de hersenschors, tussen de permanent toegewezen hersenenrelais voor de partner-of de de kind/moederkant en de variabele toegewezen hersenenrelais in het territoriumgebied. Iedereen is links- of rechtshandig. In het geval van eeneiige tweelingen is de ene altijd linkshandig en de andere rechtshandig. Als je applaudisseert zoals in het theater, de boven liggende hand beslist altijd over de handigheid. Naast handigheid bepaalt de hormoonspiegel echter ook waar het conflict inslaat, omdat de verandering in de hormoonspiegel ook het gevoel van hoe het conflict wordt ervaren en de toewijzing van conflicten verandert.

Bijvoorbeeld een rechtshandige vrouw, die de pil neemt of in de menopauze is,  voelt het territoriummarkerings-conflict van het binnenterritorium dan mannelijk, dat wil zeggen als een grensconflict volgens mannelijke begrip, dat wil zeggen ze wisselt de hersenhelft.

Maar ook de linkshandige vrouw, zonder pil, verandert van hersenhelft, omdat de conflicten als gevolg van de linkshandigheid in de tegenovergestelde hersenhelft inslaan.

Hetzelfde geldt voor de linkshandige man, die reageert bij een territoriummarkerings-conflict met een Hamerse Haard, op de linker vrouwelijke hersenhelft, in plaats van aan de rechter mannelijke kant, omdat de relatie tussen psyche en hersenen bij linkshandige omgekeerd is. Van de hersenen tot het orgaan, is de relatie altijd constant.

Als er een DHS is opgetreden, ontstaat in de conflictactieve fase een ulcus (zweer), die ofwel helemaal niet bloedt of slechts minimaal, mogelijk lichte pijn veroorzaakt. Meer onaangenaam, aan de andere kant, zijn de zogenaamde blaasspasmen (een spasme-achtige, uiterst pijnlijke samentrekking van de blaasspieren). Het blaasslijmvlies is zeer gevoelig omdat de sensibiliteit wordt verzorgd vanuit de postsensorische hersenschors. De biologische betekenis ligt in de ca-fase en betekent dat de blaaswand dunner wordt. Hierdoor kan de blaas meer vocht opnemen, zodat het territorium beter  kan worden gemarkeerd (met meer urine).

Na de oplossing van het conflict, in de genezingsfase, wordt deze zweer met behulp van virussen (indien ze bestaan) weer hersteld, opgebouwd met nieuwe cellen. En omdat we dit in het verleden niet wisten, beschouwden we de vorming van de nieuwe cellen, die in de genezingsfase echte celtoename geven (maar alleen om de zweer op te vullen), als gedeeltelijk zeer kwaadaardige tumoren. Dit resulteert in een sterke zwelling van het slijmvlies in het gebied van de zweer, met mogelijke blaasbloedingen en er kan zelfs een mechanische obstructie van de urinewegen zijn. De patiënt heeft niet langer spasmen, mogelijk alleen lichte litteken pijn. Maar inplaats daarvan heeft hij een drukgevoel en frequente drang om te plassen, met een branderig- en pijnlijk gevoel bij het plassen. Het legen vindt slechts met kleine hoeveelheden urine plaats. De urine kan troebel, gemengd met slijm of ook roodachtig (in geval van bloed bij menging) zijn.

De papillomen zijn de al verhoornde, genezen resttoestanden van de voormalige ulcera, die we ten onrechte verkeerd interpreteerden als carcinomen, maar die in principe slechts onschadelijk wratten waren.

Als er frequente korte recidieven zijn, wordt het ook chronische blaasontsteking genoemd. De patiënt heeft zijn psychische achillespees, zijn zwakke punt op het psychische litteken. Hetzelfde conflict trekt hem bijna magisch aan, men kan ook zeggen dat hij herhaaldelijk in dezelfde val (spoor) stapt, zelfs als hij het weet. Maar met zogenaamde ‘koe vatten’, zoals we vroeger dacht, heeft dit alles niets  te maken. We moeten de kaarten opnieuw schudden.

Als ons brein de computer van ons organisme is, dan is hij het ook voor alles! Het heeft geen zin om je voor te stellen dat sommige processen van het organisme aan ‘de computer’ voorbij gaan. We waren niet eens in staat om een enkele ziekte goed te beoordelen, omdat we ofwel alleen de conflictactieve fase hebben gezien – die we toen aanduiden als koude ziekten, of we hebben alleen de genezingsfase gezien – die we besmettelijke ziekten noemden. Nu weten we dat dit allemaal niet juist was. Omdat elke zogenaamde ziekte deel uitmaakt van een tweefasige gebeurtenis (als het tot een oplossing is gekomen) met een conflictactieve fase en een conflict-opgeloste genezingsfase.

Bijdragen en ervaringsberichten bij het thema

VIDEO'S en AUDIO'S bij het thema